• De Nederlandse website
  • The English website
  • Deutsch Sprache
  • Langue française

Blog overzicht

Een tuintje in glas

Geplaatst op 24-01-2016

Je kunt buiten in de vollegrond tuinieren of binnen in een kas. Of in bakken en potten op de vensterbank. Maar je kunt ook kiezen voor een minivariant door een klein bollentuintje-in-glas te maken. De bol die daar het meest voor gebruikt wordt, is de hyacint. Je hebt er speciale bollenglazen voor nodig. Zo'n glas heeft een rand waar de bol op blijft liggen. De onderkant van de bol mag het water nét niet raken. Dan zet je het glas in een koele kast of in de kelder. De bol begint daarna meteen wortels te maken. Binnen een paar weken is het hele glas gevuld met lange witte draden. Als je de bol in de grond zet, gebeurt hetzelfde, maar dan zie je dat niet. In een glas zie je de bol zowel van onderen als van boven groeien. Omdat het glas donker staat, zijn de wortels spierwit en de groeipunten aan de bovenkant lichtgeel. Na een week of 6 zijn de wortels volgroeid en kan het glas op kamertemperatuur gezet worden. De groeipunten verkleuren in sneltreinvaart van geel naar lichtgroen naar groen. De knoppen zijn ook heel snel zichtbaar. Al die tijd is het belangrijk dat de bol niét in het water ligt. Dus als het ware iets boven het water zweeft. En dan is het wachten op geur en kleur in huis. Deze manier van bollen in bloei trekken wordt al eeuwen toegepast. Vroeger werden daarvoor ook andere bollen, zoals narcissen, blauwe druifjes en tulpen gebruikt. Voor elke soort bol werd een passende maat glas gemaakt. Dat had tot gevolg dat er een heel scala aan bollenglazen in allerlei kleuren en vormen in de handel kwam. In het Nationaal Glasmuseum in Leerdam is een tentoonstelling ingericht met gewone en bijzondere bloembolglazen. Het museum is daarbij geholpen door de Bloembollenglazenclub. Dat er een aparte vereniging is voor de verzamelaars van deze glazen, geeft wel aan dat we te maken hebben met een rijke taditie. Wij hebben anderhalve maand geleden 15 glazen met in ieder glas een hyacintenbol in de kelder gezet. Vandaag staat het eerste exemplaar in de kamer. Info: http://www.nationaalglasmuseum.nl/home/nieuws/1258-geur-en-kleur-een-tuintje-in-de-winter.

Betsy

Kunst blijft een raadsel

Geplaatst op 17-01-2016

Levend en warm. Dat vind ik van de beelden van de Britse kunstenares Barbara Hepworth. Ze worden tot 17 april tentoongesteld in het Kröller-Müller Museum hier in Otterlo. Zaterdagmiddag heb ik ze bewonderd, samen met vriendin Toos en nog twintig andere mensen uit ons dorp. We kregen uitleg van een mevrouw die kunstgeschiedenis heeft gestudeerd en o.a. in dit museum rondleidingen verzorgt. Ik heb me vergaapt aan de prachtige beelden, gemaakt uit Afrikaans guareahout. Hoe is het mogelijk dat je met je handen zulke mooie vormen kunt maken. En hoe kom je aan dit kostbare hout. Het schijnt dat Barbara Hepworth op een goede dag bericht kreeg dat er in de haven 17 ton Nigeriaans hardhout (guareahout) voor haar binnengekomen was. Ze had het niet besteld. Het was een geschenk. Of ze het maar even wilde komen ophalen. Als praktisch en nogal nuchter ingesteld persoon zou mijn eerste gedachte zijn, waar laat ik al dat hout? En vervolgens, wat moet ik ermee? Een creatief mens als Barbare Hepworth dacht daar uiteraard heel anders over. Zij heeft het hout getransformeerd tot grote ronde vormen met gaten. Op het eerste oog lijken het grote glimmende kastanjes met doorkijkjes. Dat is natuurlijk een erg oneerbiedige benaming voor haar werk. Zo bedoel ik het ook niet. Ik weet niet goed hoe ik het moet omschrijven. Het is zo mooi en met zulke mooie vormen. Laat ik het maar warm en levend kunstwerk noemen. Warm omdat de mahoniekleur van het hout je toestraalt. Levend omdat de openingen je vanuit iedere positie opnieuw verrassen. Ik probeer me te verplaatsen in de kunstenares. Wat gaat er door je heen als je zoiets aan het maken bent? Wat wil Barbara Hepworth ons laten zien, ons laten weten? Ik zie ronde, vloeiende lijnen, nergens een begin, nergens een einde. Ik zie het resultaat van de scheppende handen van een creatief mens. Kunst blijft een raadsel. Info: http://kunstblijfteenraadsel.nl/2016/01/13/barbara-hepworth-sculpture-for-a-modern-world-kroller-muller-museum/ Betsy

Heet, heter, heetst

Geplaatst op 13-01-2016

En nog steeds rijpen er pepers in onze tunnelkas. We hebben wel vaker in het najaar of in december verse pepers kunnen verwerken, maar in januari? Nee, dat kan ik me niet herinneren. Zolang het niet vriest, en dat doet het nog steeds niet, blijven de pepers van groen naar oranje en naar rood verkleuren. De planten zelf zien er onooglijk uit. Jaap is al maanden geleden gestopt met water geven, want hij heeft de ruimte in de kas nodig voor de overwintering van tal van zomerbollen. De tomatenplanten hebben al lang het veld moeten ruimen. Maar in een hoekje staan nog een paar verdorde, verlepte en zo-dood-als-een-pier uitziende peperplanten met o zo fris kleurende pepertjes. Het is eigenlijk een dwaas gezicht. Verse rode peper is heerlijk in stoofschotels of wintersoepen en ik maak er dan ook dankbaar gebruik van. Wél met mate overigens, want als de peper overheerst, vind ik het gerecht niet zo geslaagd. Sommige mensen vinden het lastig om met verse peper te werken, vanwege de vrijkomende stof die voor flinke irritatie kan zorgen aan de slijmvliezen. Als je weet hoe een peper in elkaar zit, is het een koud kunstje. De buitenkant van de peper geeft geen last. De scherpe stof (de capsaïne) zit aan de binnenkant en in de zaden en zaadlijsten, dus daar moet je niet met je vingers aankomen. Als je dat moeilijk vindt, doe je gewoon een paar handschoenen aan. Het helpt niet als je naderhand je handen met water wast. Capsaïne is een alkaloïde en dus een basische stof. Die lossen alleen op in vetten. Dus even je handen in de olie en de scherpe smaak is eraf. Nog even iets over de concentratie van de scherpe stof in pepers. Wij vinden de Madame Jeanette of de Jalapeno's al scherp. Dat is echter nog niets vergeleken met de Habanero-pepers. Die zijn maar liefst duizend maal pittiger. Over heet, heter, heetst gesproken. Mijn smaakpapillen kunnen daar niet tegen. Info: http://www.lagrandeborne.com/moestuin/pepers.htm

Betsy

De eenzame fietser

Geplaatst op 05-01-2016

Ja, dat liedje van Boudewijn de Groot neuriede ik vanmiddag tijdens een fietstochtje over de Mossel. Tijdens mijn 1-uur durende rit kwam ik welgeteld één auto van de gemeente Ede en één wandelaar met één heel klein hondje tegen. Dat is in de zomerdag wel anders. Dan fiets je als het ware over de hoofden van de andere fietsers. Zeker als de weg niet al te breed is, of het wegdek een beetje slecht, of als je medefietsers snelheidsmaniakken zijn. Dan wordt het nog een hele toer om fatsoenlijk op de weg te blijven. Vandaag had ik daar dus geen last van. Er wachtte mij een aangename verrassing, want het gedeelte van Otterlo naar Mossel via de Mosselseweg is vernieuwd. Jarenlang hebben we het moeten doen met een smalle weg vol hobbels en afgebrokkeld asfalt. De gemeente Ede had vorig jaar kennelijk nog wat geld in de pot. Nou dat heeft ze goed besteed. Er ligt nu een betonnen fietspad van anderhalve meter breed. Het is nog niet helemaal af. Op een paar plekken moet je even "klunen" en ook de bermen moeten nog bijgewerkt worden. Als je nu teveel naar rechts en links kijkt, loop je het risico van de weg af te raken en dan kom je bijna een meter lager ten val. Maar er wordt aan gewerkt om alles pico-bello voor elkaar te hebben als het nieuwe vakantieseizoen eind maart van start gaat. Dan kunnen de duizenden toeristen die Otterlo en omstreken bezoeken gebruik maken van een spiksplinternieuw pad. Vanmiddag was ik daar de enige en was die wereld even helemaal van mij alleen. Vanmiddag was ik een eenzame, doch vrolijke fietser.

Betsy

Mijmeringen

Geplaatst op 01-01-2016

Geen enkele dag in het jaar heeft zo'n bijzonder maagdelijk karakter als Nieuwjaarsdag. Zelfs je eigen verjaardag, waarop toch voor jou een nieuw jaar begint, kan daar niet aan tippen. Bijzonder eigenlijk. Alles gaat toch gewoon door? Je hebt misschien een vrije dag, of misschien ook niet. Maar op Nieuwjaarsdag lijkt het net of de mensheid op de rem gaat staan en een extra hap lucht neemt om het nieuwe jaar in te kunnen gaan. Misschien hebben we wel zo'n markeringspunt nodig om ons leven te kunnen vervolgen of hebben we een ijkpunt nodig om "opnieuw te kunnen beginnen". Misschien willen we iets achter ons kunnen laten of willen we iets kunnen afsluiten. Niet voor niets worden goede voornemens gekoppeld aan Nieuwjaarsdag, terwijl ik denk dat je iedere dag wel kunt beginnen met een goed voornemen.Of niet soms? Zolang de mensheid bestaat, heeft ze behoefte aan ordening en dus is er op enig moment afgesproken dat we op 1 januari met een nieuw jaar beginnen. Net zo goed als we ooit afgesproken hebben dat we elkaar dan een gelukkig nieuwjaar toewensen en dat we vragen naar elkaars goede voornemens. Mooi toch. Zo is ons leven afgebakend in jaren, dagen en uren met een aantal vaste, terugkerende en vertrouwde rituelen. Ik doe daar dapper aan mee. Op Oudejaarsdag(en geen dag eerder) heb ik samen met Jaap oliebollen en appelflappen gebakken. Om 12 uur's nachts heb ik een nieuwjaarspijl de lucht in geschoten. En vandaag doe ik niet veel anders dan hier en daar "een beetje nieuwjaar wensen", én achter de computer kruipen om mijn mijmeringen aan het digitale papier toe te vertrouwen. Ik hoop dat in het nieuwe jaar nog vaak te doen. Een goed voornemen?

Betsy